Richtlijnen

Er is een wirwar aan richtlijnen. Zelfs ervaren webbouwers die graag een toegankelijke website willen maken, maar hier niet specifiek in geschoold zijn, zien vaak al gauw door de bomen het bos niet meer. Een beknopte inleiding in de richtlijnen. Door: Peter op ’t Hof.

De basis

De basis voor  toegankelijkheidsonderzoeken is geborgd in het normenkader van de Britse overheid en vastgelegd onder het beleidsdocument BS8878, versie 2.0 en een internationaal kader onder documentnummer  ISO-3071. Op basis van deze beide documenten is door de EU beleid opgesteld.

Daarin worden twee levels bepaald:

  1. Level 1 omvat alle zaken rond vormgeving die met de opbouw van het scherm te maken hebben
  2. Level 2: alles wat met multimedia (documenten, beeldmateriaal en geluid) te maken heeft.

De richtlijnen en het hieruit gevormde normenkader zijn gemaakt om ontwerpers te helpen bij een product dat door iedereen te gebruiken is. Verder is deze kwaliteitsnorm te gebruiken voor het krijgen van begrip voor duurzame informatie door directies, eigenaren van producten en diensten en kan deze norm helpen bij archivering, handhaven van privacy en verbeteren van het functionele ontwerp.

Aanvullende richtlijnen

Deze richtlijnen hebben alleen betrekking op de opmaak van de website in HTML en CSS. De basisrichtlijnen zeggen niets over eventuele achterliggende applicaties, die ook het scherm met informatie vullen. Bijvoorbeeld: webcontent-managementsystemen, ERP-applicaties, verbonden databases en Workflow-systemen. Of applicaties die onder Web 2.0 en 3.0 vallen (Google applicaties e.d.). Ook die zorgen voor een interactie die niet door de standaard opmaak van de site te beïnvloeden is.

Achterliggende applicaties kunnen ertoe leiden, dat de website alsnog maar ten dele of zelfs geheel niet  bruikbaar is voor mensen die met vergroting, tekst-naar-spraak- of schermuitleesprogramma’s werken.

Dat blijkt niet uit een reguliere toegankelijkheidsscan, want die is gebaseerd op ‘de basis’.  En daarin worden die applicaties niet meegenomen. Daarom zijn er aanvullende richtlijnen opgesteld – door diverse organisaties en personen.

Experts gebruiken bijvoorbeeld informatie van IBM, universiteiten, ISOC en diverse andere organisaties die zich met open standaarden bezighouden. Verder zijn er reguliere testprocedures die eisen rond gebruiksvriendelijkheid en dus ook toegankelijkheid behartigen.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *