Primitieve stemmen

Apparaten gaan steeds mooier praten. De VoiceOver van Apple is zelfs in het Nederlands voor iedereen prima te verstaan. In de jaren ’90 was dat heel anders. Toen hadden computerstemmen die werden gebruikt bij screenreaders (tekst naar spraak en/of braille) voor mensen met een visuele beperking nog niet allerlei opties om dingen ‘zo natuurlijk mogelijk’ uit te laten spreken. Ze zeiden dus geen ‘beebies’ maar ‘baabijs’. Ze lazen alle leestekens en hoofdletters voor. Ze klonken blikkerig. Het vereiste oefening om ze goed te verstaan. Maar na enige oefening zetten gebruikers de spraak zo snel, dat die voor ongeoefenden zoals ik klonk als onritmisch geknetter. In ieder geval niet als taal. Maar voor hen werkte het prima.

De geavanceerde stemmen van nu klinken bijna menselijk, maar toch geven veel mensen die op luisterlezen zijn aangewezen de voorkeur aan door mensen voorgelezen tekst. Dyslectische leerlingen willen zeker niet dat interpunctie wordt voorgelezen. Het noemen van punten en komma’s maakt de tekst voor hen moeilijker te begrijpen.

En nu het interessante: veel blinde lezers die met ‘primitieve’ stemmen hebben leren werken, stellen ook nu de spraak vaak zo in, dat alles wordt voorgelezen, ook de interpunctie. Voor hen is het niet storend wanneer iets fonetisch niet juist wordt uitgesproken. Terwijl ze op warp-snelheid lezen, controleren ze de spelling en onthouden ze ook nog eens meer dan wat de meeste zienden uit een tekst oppikken als zij die in dezelfde tijd lezen.

Het lijkt of hun oren doen wat mijn ogen doen: ze zien als het ware de tekst uitgeschreven voor zich – en corrigeren waar nodig de spelling – terwijl hun hersenen tegelijkertijd die tekst interpreteren. Als ik het probeer en ik zet de spraak op langzame spreeksnelheid, dan kan ik het ook. Ik moet er wel bij spieken op het beeldscherm, maar goed, zij controleren alles vliegensvlug met hun vingers op de brailleleesregel. Dat moet trouwens ook wel want het verschil tussen gebeurt en gebeurd kun je niet horen.

Blinde lezers werken met primitieve stemmen of spraakinstellingen dus ‘multimodaal’: met gehoor en tast. Zorgt dat niet alleen voor compensatie voor het niet zien, maar heeft het zelfs bepaalde voordelen qua leessnelheid, taalbegrip, concentratie en het onthouden van wat je gelezen hebt?  En/of speelt hun beter ontwikkelde werkgeheugen (dat in diverse onderzoeken is aangetoond) een (hoofd)rol bij dat laatste?  Is er eigenlijk wel eens goed onderzoek gedaan naar ‘combilezen’, inclusief de invloed van de gebruikte computerstem of spraakinstellingen?

Ongetwijfeld is dat lastig onderzoek, want N (de ‘populatie’) is klein en de mate waarin iemand getraind is, maakt een groot verschil – en er zijn veel factoren die de trainbaarheid beïnvloeden. Maar heel interessant en mogelijk belangrijk voor het onderwijs. Hebben lezers die op deze manier lezen misschien een beter woordbeeld en wellicht taalbegrip dan lezers die de bijna menselijke stemmen zonder interpunctie en met fonetische correctie gebruiken? Of worden die (mede) door andere factoren bepaald? Voer voor promovendi!

Dorine in ’t Veld

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *