3D-printers, iets voor blinden?

Misschien een cliché, maar waar sommige kinderen al vroeg leerden programmeren, was ik vooral geïnteresseerd in constructiespeelgoed. Denk Meccano, toen der tijd nog volledig analoog. Helaas leidt zo’n hobby niet vaak tot zo’n studie als je blind bent. Natuurlijk, waar een wil is, is een weg. Maar zo veel ‘wil’ was er nou ook weer niet. Software beviel ook goed, alhoewel hardware me bleef boeien. Zeker anno 2017, in het tijdperk van 3D.

Op 26 maart publiceerde Tweakers een uitgebreide vergelijking van vijf 3D-printers. Echt een leestip! Als klap op de vuurpijl deelde hoofdredacteur Dorine een artikel over het inzetten van 3D-prints als educatief hulpmiddel voor visueel gehandicapten. Zoals in dit artikel valt te lezen, staan er op Thingiverse bijvoorbeeld veel schaalmodellen van objecten die je normaal gesproken niet zomaar kunt gaan bevoelen. Iets dergelijks wordt gedaan bij Stichting Accessibility.

Dit geeft wel stof tot nadenken. Wat zijn de mogelijkheden buiten het printen van schaalmodellen? Is deze technologie bruikbaar voor blinde hobbyisten? En als introductie tot het ingenieurschap, zoals programmeren en robotica dat ook zijn? Of wat zijn de toepassingen voor voelbare tekeningen?

Ten eerste het hobbymatig gebruik. Het is een open deur dat de printer zelf toegankelijk moet zijn. Los daarvan lijkt de ontwerpsoftware de grootste hindernis te vormen. Het veelgebruikte STL-bestandsformaat is betrekkelijk eenvoudig, maar ontwerpen zijn te complex om met de hand in te voeren. Bovendien is dat niet intuïtief. Hoe kun je zonder het gebruik van de muis en het beeldscherm toch verder komen dan het reproduceren van andermans ontwerpen?

Een veelbelovend antwoord ligt op het gebied van de voelbare tekeningen, zoals de recent aangekondigde 3D stationsplattegronden. Ik zou graag zo’n setje thuis hebben liggen. Nog leuker wordt het als je zelf tekeningen kunt genereren. Thinkable timmert op dit vlak hard aan de weg. Zij doen veel voor (bèta-)studenten, die immers regelmatig met diagrammen en andere figuren werken. Ook bieden ze een dienst die data van Open Street Map omzet in een tactiele kaart. Het opensource project Touch Mapper doet dat ook, inclusief de uitvoer naar 3D-print. Deze technologie vormt een soort tussenstap van niet helemaal zelf modelleren, maar toch dynamische printjes maken. Maar zoiets kan al jaren met een brailleprinter!

Tenslotte dus de hamvraag: rechtvaardigt het voorgaande nou dat iedere blinde student een 3D-printer thuis heeft staan of een tele-print service zoals 3D Hubs gebruikt? Voor voelbare tekeningen zeker niet, want de genoemde producten werken ook op braillepapier of swell-paper. Dat gebeurt op A4- of zelfs A3-formaat. 3D-printers zitten eerder rond de 20x20cm. Daar komt bij dat een brailleprint in enkele minuten klaar is terwijl de doorlooptijd van 3D-prints doorgaans in uren gemeten wordt. Zou iedere blinde student dan een brailleprinter thuis moeten hebben? Vooralsnog wel, maar 3D-printers zijn meer gemeengoed en (dus) goedkoper dan high-end brailleprinters. Plus, 3D opent tal van paden voor aspirant ingenieurs. Daar zit de zere plek: hoe ontsluiten we die kansrijke wereld van zélf modelleren voor blinden?

6 gedachten over “3D-printers, iets voor blinden?

  1. Interessante observaties.

    Kijk voor het zelf modelleren eens naar iets als OpenSCAD (http://www.openscad.org/). Dat lost in ieder geval het probleem van toegankelijke invoer, in code, op. Het probleem blijft natuurlijk dat je pas weet wat je maakt zodra je het geprint hebt. Echter, het modelleren kan op zichzelf al een goede oefening voor ruimtelijk inzicht zijn.

    Ik ben eigenlijk wel benieuwd naar een brailleprinter op basis van de 3d-print techniek zoals we die nu hebben. De printtijd mag dan best hoger zijn dan bij “ouderwets” brailleprinten, je kunt waarschijnlijk een veel goedkoper apparaat leveren. Ook zal die prijs alleen maar dalen. Tevens zou een uitgeklede 3ds-printer als brailleprinter wellicht door de gebruiker te upgraden zijn naar een volwaardige 3d-printer, wat de aanschafdrempel van zo’n ding verlaagt. Ik denk dat de printtijd flink omlaag kan door een aantal factoren:
    1. Als je een ondergrond weet te vinden waar het plastic goed op hecht, hoef je enkel de braillepunten en lijnen te printen en scheelt dat dus veel tijd
    2. De resolutie van de huidige brailleprinters is veel lager dan de resoutie van een 3d-printer, wellicht kun je dus een grovere kop en een dikkere draad plastic gebruiken voor een vergelijkbaar resultaat. Wellicht kun je zelfs een geoptimaliseerde kop ontwikkelen die in 1 keer een mooi afgeronde braillepunt print, eventueel aangevuld met een tweede kop voor meer fijnmazige lijnen
    3. Voor het printen van slechts braille heb je in de hoogte niet veel lagen nodig en kunnen de lagen ook grover zijn, ik denk dat daar ook winst te halen is

    Kortom, een bestaand open source 3d-printer ontwerp aanpassen tot brailleprinter kan een heel leuk project zijn. Al ligt wat mij betreft de meerwaarde toch echt in de 3d-objecten die we kunnen printen. Heb je weleens gebruik gemaakt van 3d-geprinte maps op basis van OpenStreetmap? Ik ben benieuwd naar je ervaringen.

  2. Op de DEIMS-conferentie (februari 2015, Japan), lieten Indiase deelnemers ‘economic thermoform’ zien. Ze maken de mallen voor thermoform met een brailleprinter, waarmee meerdere hoogtes van de puntjes en de puntjes heel dicht op elkaar geprint kunnen worden. Er wordt ook in inkt en braille geprint. Ze gebruiken gewoon (ketting)papier. De omtrek van een geprinte figuur of bepaalde lijnen in een grafiek zijn al hoger dan de vulling, maar worden extra verhoogd doordat ze met een 3D-printer op de tekening worden geprint.
    Je moet de tekening niet teveel buigen, maar het hecht aardig. Zo’n mal levert een goed leesbare thermoform print op; zowel de figuur (met lage reliëfvulling) als het braille zijn heel duidelijk. De mal is uiteraard ook uitstekend leesbaar.

  3. Tweede reactie: met Touch Mapper hebben we vorig jaar ook geëxperimenteerd. De print bleek moeilijk naar de route te vertalen tijdens het lopen. Er stonden veel teveel details op; losse huisjes die bovendien zo hoog waren, dat je het pad waar je moest lopen niet meer goed voelde.
    Je zou beter moeten kunnen aangeven, wat je wel en niet geprint wilt hebben. Voor blinden een onmogelijkheid, voor zienden, ook al zou je de kaart op de computer kunnen manipuleren, ook vrijwel onmogelijk; je moet de omgeving grondig verkennen om de juiste keuzes te kunnen maken. De kaartenmakers van Dedicon gingen vroeger vaak ter plekke poolshoogte nemen. Een goede kaart maken is een vak en is tijdrovend.
    Een snelle schets ter oriëntatie, met de goede uitleg of een paar essentiële herkenningspunten, kan echter ook heel nuttig zijn. Dat zou met RouteTactile mogelijk moeten zijn.

    1. Ik was (en ben nog steeds) toch wel erg enthousiast over Touch Mapper. Ja, de kaart was te gedetailleerd en bovendien past er niet veel op een 3D-print vanwege de beperkte afmetingen. Dat geeft niet als je de kaart opdeelt in meerdere kwadranten. Het aanpassen van de schaal helpt ook behoorlijk. De hoogte van objecten kun je in de broncode ook makkelijk aanpassen. Dat zou je kunnen doorzetten naar de gebruikersinterface. Tenslotte kun je er nu al voor kiezen om gebouwen niet te printen, wat de kaart flink kan vereenvoudigen. Er zit vast nog meer nuttige informatie in OSM.

      Het is wel zo dat kaarten maken een vak apart is. Toch ben ik optimistisch en denk ik dat één en ander ook wel heuristisch bepaald kan worden. Ik heb ook menig ‘professioneel’ geproduceerde kaart gezien waarbij de wenkbrauwen omhoog gingen. 🙂

  4. Toegankelijk ‘slicen’ moet ook kunnen, heb ik gister ontdekt, via de comand line met Slic3r (http://slic3r.org/).

    Volgens mij zijn er twee manieren om zelf te gaan printen:
    1. Haal een opensource kit in huis. Die kun je dan meteen ook inzetten als brailleprinter. Of op zijn minst kun je aan een toegankelijke gebruikersinterface werken. Veel van die apparaten worden aangestuurd met Arduino en/of Pi. Het plezier zit hem dan al in het bouwen van je tools.
    2. Je koopt een ‘kant-en-klaar’ model, die vaak wel fors duurder zijn. Voordeel is dat je direct aan de slag kunt. Nadeel is dat je voor toegankelijkheid meer afhankelijk bent van de fabrikant.

    In beide gevallen blijft de vraag of je als blinde efficiënt genoeg kunt zijn met zelf modelleren om het leuk te houden. Misschien komen we dan uit op maatwerktoepassingen, zals braille of landkaarten printen. Maar misschien kunnen we ook heel goed zelf schaalmodellen opzoeken en uitprinten.

    Het blijft lastig. Voor een redelijk bedrag heb je een zelfbouw-kit. Daar kan veel aan misgaan waardoor je afhaakt. Voor (veel) meer geld heb je een kant-en-klaar systeem dat hele nette prints maakt, maar om zoiets te rechtvaardigen moet je toch wel echt serieus gaan printen. En de vraag is nou juist of we dat kunnen en of het dan echt zo boeiend is als het lijkt.

  5. Met OpenSCAD kun je bij een 3D-model ook 2D-afbeeldingen genereren. Vanaf diverse posities en zowel perspectief als orthogonaal. Daar zou ook meerwaarde in kunnen zitten voor onderwijs. Toon de leerling het 3D-geprinte voorwerp en de 2D-renders als traditionele, tactiele afbeeldingen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *